Wat als…
jouw kind op school de ruimte krijgt om zichzelf te zijn
Vertel mij meer!

Onze School

Echt leren doe je pas als sprake is van een hoge betrokkenheid en zichtbaar welbevinden.

Missie

Kinderen die goed in hun vel zitten en gemotiveerd en geboeid bezig zijn, leren pas echt en ontwikkelen zich optimaal. Ervaringsgericht onderwijs biedt daarvoor de juiste context. Met respect voor het kind, voor elkaar en voor de omgeving groeien onze leerlingen op naar zelfstandigheid in een goed voorbereide, ontspannen omgeving. Centraal in onze aanpak staan welbevinden, betrokkenheid, competentie en verbondenheid.

Visie

De Bienekebolders is een openbare school die kinderen succesvol voorbereidt op een dynamische wereld, waarin flexibiliteit, respect en zelfstandigheid waardevolle eigenschappen zijn. Ons Ervaringsgerichte Onderwijs biedt de juiste context voor deze voorbereiding. Welbevinden, betrokkenheid, een gevoel van competentie en goed in je vel zitten zijn minstens zo belangrijk voor goede leerprestaties dan kennisoverdracht alleen.

Ervarings­gericht onderwijs

Prof. dr. F. Laevers (Katholieke Universiteit Leuven) ontwikkelde samen met leerkrachten het EGO. Praktische principes werden theoretisch en wetenschappelijk onderbouwd. Het EGO benut de ‘ervaringsstroom’ als middel om je beter in de ervaring van de ander te verplaatsen. Vanuit een ervaringsgerichte instelling ben je vanzelfsprekend geïnteresseerd in wat zich in iemand concreet afspeelt in elke situatie die ertoe doet. Je bent gericht op het proces van het kind en de leerkracht. Juist de focus op het proces is wat EGO onderscheidt van andere onderwijsconcepten.
Bron: website van Ervaringsgericht Onderwijs

  • 1.

    Betrokkenheid

    Jouw kind zal een optimale ontwikkeling doormaken door betrokken te werken en met plezier naar school te gaan.

  • 2.

    Welbevinden

    Als jouw kind zich veilig en geaccepteerd voelt, dan zal het welbevinden hoog zijn en betrokken leren ontstaan. Een veilige sfeer begint bij een gezonde emotionele basis waarin je kind leert om emoties van zichzelf en anderen te begrijpen.

  • 3.

    Competentie

    Je kind heeft uit zichzelf heel erg de behoefte om zich te ontwikkelen. Op school stimuleren we die attitude om te exploreren. Als jouw kind zich veilig voelt en betrokken is bij het leren dan ontstaat een gevoel van competentie. Je kind beweegt zich aan de grens van zijn of haar individuele mogelijkheden, waardoor leren ontstaat.

  • 4.

    Verbondenheid

    Leren doet jouw kind samen met anderen. Verbondenheid vinden we op school belangrijk. Dat kun je zien in de relatie tussen kinderen, met leerkrachten en ook met jou als ouder.

  • EGO

Hoe we werken

We geven ruimte om op verschillende manieren met leer- en ontwikkeldoelen bezig te zijn.

7 factoren die de betrokken­heid verhogen

Sfeer & Relatie

Elk kind heeft behoefte aan zelfstandigheid en individualiteit, wil de moeite waard zijn, wil graag goede contacten. Een kind wil zich thuis voelen.

Hoe bevorderen we dat?

Dit zie je bijvoorbeeld terug in onze dagelijkse kringgesprekken en de samenwerking in projectgroepen. Je herkent het ook in onze afspraken over het respectvol omgaan met elkaar en onze omgeving. En gesprekken over de ontwikkeling van een kind voeren we met de ouder en het kind samen.

Ruimte voor initiatieven

Elk kind krijgt van ons de ruimte die gelijk staat aan de verantwoordelijkheid die het aankan.

Hoe bevorderen we dat?

Onze kinderen werken met weektaken en maken een eigen planning. Ze kunnen bijvoorbeeld ook werken op een zelf gekozen plek.

Werkelijkheidsnabij

Ieder kind heeft zijn eigen interesses en belevingswereld. We stemmen ons onderwijsaanbod daarop af. Doordat leerkrachten zich goed verdiepen in een kind en in de groep, wordt de motivatie om te ontwikkelen groter.

Hoe bevorderen we dat?

We kiezen in onze werkvormen en activiteiten voor onderwerpen die door kinderen worden ingebracht en we maken de verbinding met hun dagelijkse omgeving.

Activiteit

Een kind is niet gemaakt om een hele dag stil te zitten. We creëren een schoolomgeving met activiteiten en materialen die aansluiten bij de behoefte van kinderen. Daardoor spreken we ook de ondernemerszin van leerlingen aan.

Hoe bevorderen we dat?

We stimuleren de ondernemerszin in onze projecten maar ook in onze programma’s voor bijvoorbeeld taal, rekenen en wiskunde (Parwo). Zo benutten we de omgeving van school en thuis voor het begrip van getallen, woorden en teksten.

Expressie

Elk kind verdient de ruimte om opgedane indrukken uit te drukken op een manier die het beste bij hem past. We zorgen voor een rijk aanbod van materialen en mogelijkheden voor elk kind.

Hoe bevorderen we dat?

Een kind kan zijn/haar expressie uitdrukken in onze verschillende actieve werkvormen, bijvoorbeeld in onze ateliers en in onze musicals.

Samenwerken & leren

Kinderen leren van en met elkaar. Wij vinden het belangrijk dat zij elkaar dingen uitleggen en elkaar helpen. Met ieders kennis en kunde kunnen kinderen elkaar motiveren en inspireren. We weten dat het leren het meeste oplevert in de interactie met elkaar.

Hoe bevorderen we dat?

Elke groep bestaat uit kinderen van verschillende leeftijden. Onze leerlingen werken binnen en tussen groepen samen aan hun leervragen. Oudere leerlingen leren jongere kinderen lezen. Kinderen geven elkaar uitleg in de groep; je kunt heel veel leren als je je eigen kennis overbrengt aan anderen.

Aansluiten bij de mogelijkheden van een kind

Ieder kind heeft talenten en wil laten zien wat het kan. Wij spreken kinderen zoveel mogelijk aan op hun eigen niveau, in hun eigen tempo. We geloven dat als je datgene mag doen waar je goed in bent en waar je energie van krijgt, je erg gemotiveerd raakt en zelfvertrouwen krijgt. We hebben oog voor het kind dat zelfstandig werkt en soms extra moet worden uitgedaagd. Maar we hebben ook aandacht voor het kind dat specifieke begeleiding nodig heeft of dat is gebaat bij externe hulp. Soms leidt dat ertoe dat binnen één groep aan verschillende leerstof wordt gewerkt. Het uitgangspunt is steeds: blijvende ontwikkeling.

Hoe bevorderen we dat?

In ons contractwerk zoeken we bijvoorbeeld nadrukkelijk de aansluiting bij de mogelijkheden van een kind en kunnen we differentiëren. De ontwikkeling van een kind brengen we in beeld via het kindvolgsysteem van het EGO (procesgericht), daarnaast gebruiken we het leerlingvolgsysteem van CITO en methodegebonden toetsen (productgericht).